Voor huurders en huizenkopers
Huren of kopen?
Vergelijk huren met kopen, jaar voor jaar. Je ziet de netto maandlast van allebei, wat je in totaal kwijt bent, je vermogen na 10, 20 en 30 jaar en na hoeveel jaar kopen gunstiger wordt. De belastingregels zijn die van 2026; stijgingen, onderhoud en rendement zijn aannames die je zelf aanpast.
Huren of kopen
| Opbouw | Waarde |
|---|
Vermogen en kosten in de tijd
| Na | Vermogen huren | Vermogen kopen | Kosten huren | Kosten kopen |
|---|
Vermogen huren = eigen geld plus wat je per maand overhoudt ten opzichte van kopen, met rendement. Vermogen kopen = woningwaarde min restschuld, plus wat je per maand overhoudt ten opzichte van huren. Kosten = geld dat weg is: huur, of kosten koper, rente, onderhoud en eigenaarslasten na belastingvoordeel. Aflossing telt niet als kosten, want die zit in je vermogen. Verkoopkosten (makelaar) bij verhuizen zijn niet meegenomen.
Uitleg: Huren of kopen berekenen
Of kopen of huren voordeliger is, hangt vooral af van hoe lang je blijft wonen, de rente en hoeveel de huur en de woningwaarde stijgen. Bij kopen betaal je eenmalig kosten koper en elk jaar rente, onderhoud en eigenaarslasten; de aflossing bouw je op als vermogen in je huis. Bij huren is de huur weg, maar houd je je eigen geld en eventueel een deel van je maandbudget over om te sparen.
Deze rekenhulp vergelijkt beide jaar voor jaar met de fiscale regels van 2026: eigenwoningforfait, hypotheekrenteaftrek tegen maximaal 37,56%, de Wet Hillen, overdrachtsbelasting en NHG. Het omslagpunt is het eerste jaar waarin je met kopen meer vermogen hebt dan met huren.
Veelgestelde vragen
Na hoeveel jaar is kopen voordeliger dan huren?
Dat verschilt per situatie. Door de kosten koper begin je als koper met een achterstand die je inloopt als de huur hoger is dan je netto rente en onderhoud, of als de woning in waarde stijgt. De rekenhulp toont het jaar waarin dat gebeurt, met jouw eigen aannames.
Telt de aflossing als woonlasten?
Niet als kosten: aflossen is sparen in je eigen huis. Hij zit wel in je netto maandlast, en de restschuld wordt afgetrokken van de woningwaarde bij het vermogen.
Waarom rekenen jullie met een rendement op spaargeld?
Als huurder houd je je eigen geld. Om eerlijk te vergelijken laat de rekenhulp dat geld, en het maandelijkse verschil, renderen tegen een percentage dat je zelf kiest. Box 3-belasting rekenen we niet mee.
Let op: indicatie, geen hypotheekadvies
Deze berekening is een indicatie, geen hypotheekadvies; de geldverstrekker beslist. De uitkomst hangt sterk af van aannames over huurstijging, waardestijging, onderhoud, rente en rendement; de toekomst kan anders lopen. Uitgangspunten: je woont zelf in de woning, annuïtaire hypotheek, inkomen onder de AOW-leeftijd en gelijk over de jaren. Aan deze uitkomst kunnen geen rechten worden ontleend.
Klopt er iets niet of mis je iets? Laat het weten
Bronnen & gebruikte waarden
| Onderdeel | Waarde | Status |
|---|---|---|
| Eigenwoningforfait 2026 | 0,35% van de WOZ-waarde bij € 75.000 – € 1.350.000; daarboven € 4.725 + 2,35% van het meerdere | Belastingdienst |
| Aftrektarief hypotheekrente 2026 | 35,75% in schijf 1 (t/m € 38.883), 37,56% daarboven (ook in schijf 3 beperkt tot 37,56%) | Belastingdienst |
| Wet Hillen 2026 | is de rente lager dan het forfait, dan telt 28,133% van het verschil mee (aftrek 71,867%) | Belastingdienst |
| Overdrachtsbelasting 2026 | 2% als je er zelf gaat wonen; 0% met startersvrijstelling (18–35 jaar, woning hoogstens € 555.000) | Belastingdienst |
| NHG 2026 | tot € 470.000 hypotheek; borgtochtprovisie eenmalig 0,4% | NHG |
| Hypotheek | annuïtair, maandelijks; lening = koopprijs − (eigen geld − kosten koper), maximaal de koopprijs | rekenregel |
| Latere jaren | eigenwoningforfait, aftrektarieven en Hillen-percentage blijven op 2026 staan; WOZ-waarde stijgt met de waardestijging | vereenvoudiging |
| Huurstijging, waardestijging, onderhoud, rendement, rente, overige kosten koper | invoer van de gebruiker (standaard 3%, 3%, 1%, 2%, 4%, € 4.000) | aanname |
| Niet meegenomen | box 3, huurtoeslag, verkoopkosten, inflatie, renteherziening na de rentevaste periode, AOW-leeftijd | let op |
- Belastingdienst – Eigenwoningforfait 2026 (tabel: 0,35% bij WOZ € 75.000 – € 1.350.000)
- Belastingdienst – Beperking hypotheekrenteaftrek bij een hoog inkomen (2026: maximaal 37,56%)
- Belastingdienst – Geen of een kleine eigenwoningschuld (Wet Hillen, 2026: 71,867%)
- Belastingdienst – Wanneer kunt u de startersvrijstelling krijgen (overdrachtsbelasting)? (woningwaarde 2026 hoogstens € 555.000; anders 2% als u er zelf gaat wonen)
- Rijksoverheid – Wanneer krijg ik vrijstelling van overdrachtsbelasting? (2026: 18 tot 35 jaar, tot € 555.000; zelf wonen anders 2%)
- NHG – NHG-grens in 2026 vastgesteld op € 470.000 (met energiebesparende voorzieningen € 498.200)
- Rijksoverheid – NHG-grens stijgt naar € 470.000, afsluitpremie blijft 0,4%
Gecontroleerd op 14 oktober 2026.